Het aantal appartementen in ons land groeit gestaag, terwijl de gemiddelde grootte van nieuwbouwwoningen afneemt. Volgens recente cijfers van het CBS zal straks een aanzienlijk deel van de nieuwbouwwoningen bestaan uit appartementen. Van de verwachte 69 duizend nieuwe woningen gaat het om bijna 40 duizend appartementen en boven- of benedenwoningen. Dit laat zien hoe de focus in de bouwsector verschuift naar compactere woonvormen, vooral in stedelijke gebieden waar ruimte schaars is.
“Tussen 2021 en begin 2026 is de gemiddelde grootte in de nieuwbouw gedaald van 118 naar 99 vierkante meter”
Appartementen domineren nieuwbouwmarkt
De groei van appartementen in Nederland is opmerkelijk. Sinds 2023 maakt dit woningtype minstens de helft uit van alle nieuwbouwwoningen. In totaal is het aantal woningen met 300 duizend gestegen naar ruim 3,1 miljoen, waarbij appartementen een steeds groter aandeel vormen. Bovendien bestaat 73 procent van de vergunde woningen in de pijplijn uit dit type woning of boven- en benedenwoningen. Hoewel rijtjeswoningen met 3,4 miljoen nog steeds de grootste groep vormen, lijkt de trend naar compactere woonvormen door te zetten.
Grote steden bouwen vooral appartementen
In veel gemeenten is de focus op appartementen duidelijk merkbaar. Van de 340 gemeenten met nieuwbouwplannen zijn er 182 waar dit woningtype het meest voorkomt. In 112 van deze gemeenten vormen ze zelfs meer dan de helft van de nieuwbouw in 2025. Grote steden springen eruit in deze ontwikkeling. Amsterdam leidt met 96 procent van de nieuwbouw bestaande uit appartementen, wat neerkomt op ruim 5,5 duizend nieuwe woningen. Ook Eindhoven (93 procent), Utrecht (87 procent) en Rotterdam (87 procent) laten hoge percentages zien. Een uitzondering is Almere, waar slechts 30 procent van de nieuwbouw uit appartementen bestaat en rijtjeswoningen met 55 procent de boventoon voeren.
Nieuwbouwwoningen worden steeds kleiner
Een andere opvallende ontwikkeling in de woningmarkt is de afname van de gemiddelde oppervlakte van nieuwbouwwoningen. Dit komt niet alleen door de toename van relatief kleine appartementen, maar geldt voor bijna alle woningtypes. Tussen 2021 en begin 2026 is de gemiddelde grootte gedaald van 118 naar 99 vierkante meter. Voor rijtjeswoningen nam de oppervlakte af van 127 naar 115 vierkante meter, een daling van bijna 10 procent. Bij appartementen is de afname nog sterker: van 73 naar 65 vierkante meter in dezelfde periode.
Lees verder onder de afbeelding.

Verschillen per woningtype in oppervlakte
De afname in oppervlakte verschilt per type woning. Bij 2-onder-1-kapwoningen is de daling beperkt, van 161 naar 158 vierkante meter, wat neerkomt op een afname van 2 procent. Voor vrijstaande woningen is de afname ook klein, van 204 naar 199 vierkante meter, een verschil van 2,5 procent. Deze cijfers tonen aan dat de trend naar kleinere woningen vooral speelt bij de meest gebouwde types, zoals rijtjeswoningen en appartementen, die vaak in dichtbevolkte gebieden worden gerealiseerd.
Impact op woningmarkt
De verschuiving naar meer appartementen heeft een grote invloed op de woningmarkt. In stedelijke gebieden, waar de vraag naar betaalbare woonruimte hoog is, biedt dit kansen om meer mensen een plek te geven. Tegelijkertijd roept het vragen op over de leefbaarheid en de beschikbare ruimte per huishouden, zeker nu de gemiddelde oppervlakte blijft dalen.
Toekomst van appartementen in Nederland
Met een groot deel van de vergunde nieuwbouwprojecten gericht op appartementen, lijkt deze trend voorlopig niet te stoppen. Gemeenten en projectontwikkelaars spelen in op de groeiende vraag naar compacte woningen, vooral in steden waar de druk op de woningmarkt hoog blijft. Dit betekent dat toekomstige bewoners steeds vaker zullen kiezen voor kleinere, maar vaak centraler gelegen woonruimtes.
Zie ook: Senioren kiezen massaal voor nieuwbouwappartementen.












