Home Blog Pagina 151

14 gemeenten krijgen rijksbijdrage aardgasvrije wijken

0
Veertien gemeenten krijgen een Rijksbijdrage aardgasvrije wijken

Minister De Jonge van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening heeft de nieuwe selectie proeftuinen aardgasvrije wijken bekend gemaakt. Veertien gemeenten zetten in deze proeftuinen in op stapsgewijze aanpakken om woningen en andere gebouwen van het aardgas af te halen.

“De 14 gemeenten zetten vooral in op lage temperatuur warmtenetten, ontzorgen van bewoners en verbinding met andere opgaven”

Deze derde en laatste selectieronde aardgasvrije wijken richt zich op stapsgewijze aanpakken, zodat gemeenten ook hiervan kunnen leren. In totaal zijn daarmee nu 64 wijken, buurten en dorpen met een rijksbijdrage aan de slag om aardgasvrij te worden.

Verschillende proeftuinen

Bijna tweederde van de geselecteerde gemeenten zetten met een stapsgewijze aanpak in op isolatie en hybride warmtepompen als tussenoplossing. Hierbij wordt het energieverbruik eerst verlaagd. Later wordt er overgestapt op een duurzame warmtebron. De overstap naar volledig aardgasvrij moeten zij wel voor 2040 maken.

ZLT

Twee proeftuinen gaan in verschillende contexten aan de slag met een (zeer) lage temperatuur (ZLT) warmtenet en aquathermie (verwarmen en koelen met water). Dit is het geval in een historische binnenstad langs de gracht. En in een met water omringd dorp.

Er zijn ook aanpakken met zonthermie als bron. Voorbeelden hiervan zijn PVT-systemen (een combinatie van een zonnecollector en een PV-paneel) met kleine wijknetten en een warmte-koude netwerk met de inzet van zonnewarmte en seizoensopslag.

Lees ook het artikel ‘Warmtenet, waterstof of warmtepomp? In editie nummer 2 van Bouw en Uitvoering

Variatie in aanpekken

De selectie van de proeftuinen is gebaseerd op een voorstel van de Adviescommissie aardgasvrije wijken. Daarin zijn programmapartners, stakeholders en wetenschappers vertegenwoordigd. Er is gezocht naar variatie in aanpakken. En bij alle plannen is nadrukkelijk gekeken naar de uitvoerbaarheid, betaalbaarheid en betrokkenheid van bewoners.

In bijna alle aanpakken wordt intensief samengewerkt met bestaande bewonerscollectieven. Ook is er veel aandacht voor het borgen van de betaalbaarheid. Opvallend in deze derde ronde is dat de samenwerking met lokale partijen nog steviger is verankerd dan eerder. En dat er wordt samengewerkt met universiteiten en kenniscentra.

Gebiedsvisie

Gemeenten werken vanuit een brede gebiedsvisie. Zo zijn er grote gemeenten met een aanpak waarbij (energie)armoede en leefbaarheid centraal staan. En plattelandsdorpen waar de aanpak aardgasvrij gecombineerd wordt met bijvoorbeeld die van krimp en vergrijzing, werkgelegenheid en levensloopbestendigheid van woningen.

Beeld: Kick Smeets

363.700 nieuwe huizen buiten stad nodig

0
363.700 nieuwe huizen buiten de stad nodig

Om het doel van een miljoen woningen in de komende tien jaar te halen, kan niet slechts naar binnenstedelijke ontwikkeling in de grote stad worden gekeken. Dit concludeert onderzoeksbureau Republiq in een onderzoek in opdracht van WoningBouwersNL naar locaties voor woningbouw in de komende tien jaar.

Er moeten overal in Nederland nieuwe huizen worden bijgebouwd, vooral in middelgrote regio’s

Het is niet eenvoudig om voldoende locaties voor een miljoen nieuwe huizen te vinden. Met name als je bedenkt dat er in de afgelopen tien jaar gemiddeld slechts 56.500 woningen per jaar bij zijn gekomen.

In haar onderzoek concludeert Republiq op basis van grootschalige data-analyses, expertinterviews en een enquête onder marktpartijen dat er in de huidige plannen genoeg ruimte te vinden is voor 1 miljoen woningen.

Maar, zo legt het onderzoek bloot, dan zal er wel overal in Nederland bijgebouwd moeten worden; zowel in grote, als in kleine gemeenten, maar voorál in middelgrote regio’s. Maar liefst 45 procent van de woningbouw zal de komende tien jaar daar moeten landen om de doelen te halen.

Realistisch beeld

Om een realistische inschatting te kunnen maken van de haalbaarheid van woningbouw op alle beschikbare locaties bestudeerde Republiq bestaande plannen nauwkeurig, en bracht zij de historische woningbouwproductie in kaart, om zo een realistisch beeld te schetsen van de mogelijke productie de komende tien jaar.

“Dit onderzoek laat duidelijk zien dat de focus op alléén binnenstedelijk bouwen losgelaten zal moeten worden: minimaal 36% van alle woningen zal buiten de stad gebouwd moeten worden wanneer we het miljoen willen halen”, aldus Coen van Rooyen, algemeen directeur van WoningBouwersNL.

Transformatie

Ook doet het onderzoek een aantal minder gebruikelijke beleidsaanbevelingen. Zo blijkt uit het rapport dat de capaciteit om via transformatie tot nieuwe woningen te komen, vrij beperkt is. Uit de transformatie van kantoren kunnen de komende tien jaar nog 15.000 woningen ontstaan, terwijl het kabinet rekent op 150.000. “De ambitie op dat vlak is compleet onrealistisch als je naar de cijfers kijkt”.

In de transformatie van maatschappelijk vastgoed ontstaan daarentegen kansen. Zo dalen bijvoorbeeld de komende jaren door de vergrijzing de leerlingenaantallen, waardoor scholen en sportvoorzieningen (gebouwen maar vooral ook velden) leeg komen te staan. Ook hebben veel gemeenten commercieel vastgoed in bezit dat ze willen afstoten.

Op deze plekken ontstaat ruimte voor minimaal 62.000 woningen. Dit is bovendien relatief eenvoudig voor gemeenten te bewerkstelligen, omdat deze plekken vrijwel altijd in bezit van lokale overheden zijn. “Juist op deze plekken kunnen gemeenten snel aan de slag om de woningbouw te versnellen!”

(Lees verder onder de afbeelding.)

1 miljoen woningen tot 2030, waar kunnen ze gebouwd worden?

Herstructurering

Volgens het onderzoek Ruimte voor de nieuwbouwopgave zal de binnenstedelijke woningbouwproductie de komende jaren vooral bestaan uit herstructurering van verouderde industrie en wijken. Dit leidt mogelijk tot 272.000 nieuwe woningen.

Door extra huizen toe te voegen aan woonwijken waar al veel groen aanwezig is kunnen maar liefst 244.000 woningen worden gerealiseerd. De kanttekening hierbij is echter dat er vooral in kleine en middelgrote gemeenten hiervoor weinig ruimte is: op die plekken kan respectievelijk slechts 43 procent en 40 procent van de woningbouw binnenstedelijk plaats vinden.

Lees ook: Ambitiebonus in Amsterdam voor meer betaalbare duurzame woningbouw

Bajeskwartier Amsterdam krijgt duurzame warmte en koude

0
Bajeskwartier Amsterdam krijgt duurzame warmte en koude

Eteck en Bajes Kwartier Ontwikkeling C.V., een samenwerkingsverband van gebiedsontwikkelaar AM, AT Capital en Schroders Capital (voorheen Cairn), hebben een overeenkomst gesloten voor Bajeskwartier Amsterdam.

Twee van de in totaal zestien gebouwen van Bajeskwartier Amseterdamworden gerealiseerd in hout

In het samenwerkingsverband is vastgelegd dat warmteleverancier Eteck minimaal dertig jaar lang duurzame warmte, koude en warm tapwater zal leveren aan alle woningen en gebouwen in deze groene, gezonde stadswijk in wording. Bajeskwartier is een multifunctionele gebiedsontwikkeling op de voormalige locatie van de Bijlmerbajes, in Overamstel. Hier worden de komende jaren ongeveer 1.350 (sociale) huur- en koopwoningen en circa 25.000 m2 overige functies gerealiseerd.

98 procent hergebruik

Voor Bajeskwartier gelden heel hoge ambities ten aanzien van duurzaamheid. Door hergebruik van 98 procent van alle materialen uit de voormalige gevangenis en toepassing van hernieuwbare materialen, wordt op het onderwerp circulariteit hoog gescoord.

Twee van de in totaal zestien gebouwen worden gerealiseerd in hout, de wijk is klimaatadaptief en natuurinclusief. Verder wordt de wijk energieneutraal door onder meer het gebruik van zonnepanelen en andere duurzame energiebronnen, geholpen door een thermisch grid onder de wijk.

Lees ook Toren Bajeskwartier wordt proeftuin duurzame innovaties

Thermisch grid

Alle in totaal zestien gebouwen binnen het gebied, waaronder behalve de woongebouwen ook Hotel Jansen, de middelbare school Spinoza20first en de gemeentelijke sporthal, worden aangesloten op een warmte-koudenet, oftewel een Thermisch Grid. Zodat warmte en koude kan worden uitgewisseld tussen de verschillende gebouwen.

Het Thermisch Grid wordt aangesloten op een collectief warmte-koudeopslagsysteem (WKO) dat bestaat uit een bronnet en maakt voor de regeneratie gebruik van verschillende omgevingsenergiebronnen en warmte uit het oppervlaktewater van de bestaande gracht via aquathermie.

Bajeskwartier is opgedeeld in vier districten. Elk district wordt voorzien van een warmtepompcentrale waardoor er minder verlies van warmte is en er beter kan worden ingespeeld op de fasering van het project. Ook is het bronsysteem voorbereid om in de toekomst naastgelegen gebieden aan te laten sluiten.

Stadswijk met 68 tuinen

Bajeskwartier wordt een groene en tegelijk hoogstedelijke wijk waar wonen, werken, leren, beleven, bewegen en verblijven samenkomen. Een plek met een rijke historie en een toekomst als levendige nieuwe wijk van Amsterdam. Hoogwaardige architectuur en een stedenbouwkundig plan dat voor directe verbinding met het centrum zorgt, maken Bajeskwartier een rijke uitbreiding van Amsterdam.

Meer informatie: Bajeskwartier

 

Grotere elektriciteitsproductie van hernieuwbare bronnen, minder uit fossiele bronnen

0
Grotere elektriciteitsproductie van hernieuwbare bronnen, minder uit fossiele bronnen

De productie van elektriciteit is in 2021 vergeleken met een jaar eerder met 2,2 miljard kWh gedaald naar 117,9 miljard kWh. De elektriciteitsproductie uit hernieuwbare bronnen steeg met 22 procent, terwijl de elektriciteitsproductie uit fossiele bronnen met 11 procent daalde. In 2021 kwam 33 procent van de totale elektriciteitsproductie uit hernieuwbare bronnen.

Met de hernieuwbare elektriciteit zit Nederland in de Europese middenmoot

Het CBS meldt dat de elektriciteitsproductie uit hernieuwbare bronnen in 2021 steeg met 7 miljard kWh (22 procent) naar 39,1 miljard kWh. Dit vergeleken met een jaar eerder. De productie uit zon steeg met dertig procent naar 11,4 miljard kWh, die uit wind met zeventien procent naar 17,9 miljard kWh en die uit biomassa met 23 procent naar 9,7 miljard kWh.

De gestegen elektriciteitsproductie uit hernieuwbare bronnen hangt grotendeels samen met de toegenomen capaciteit voor de productie uit zon (van 11,0 GW in 2020 naar 14,3 GW in 2021) en wind (van 6,6 GW in 2020 naar 7,8 GW in 2021).

Hernieuwbare bronnen

De totale elektriciteitsproductie bestond in 2021 voor 33 procent uit hernieuwbare bronnen. In 2020 was dit aandeel hernieuwbare elektriciteit nog 27 procent.

Het aandeel hernieuwbare elektriciteit wordt tussen Europese landen vergeleken op basis van elektriciteitsverbruik, volgens de EU-richtlijn hernieuwbare energie. Volgens deze methode komt het aandeel in 2021 uit op 34 procent. In 2020 was dit nog 26 procent. Nederland zit daarmee in de Europese middenmoot.

Kolen en aardgas

De elektriciteitsproductie uit fossiele brandstoffen nam in 2021 vergeleken met een jaar eerder met 9,1 miljard kWh af naar 74,7 miljard kWh, een daling van 11 procent. De productie van elektriciteit uit kolen steeg in 2021 met 6,9 miljard kWh (72 procent) naar 16,5 miljard kWh. De productie van elektriciteit uit aardgas daalde met 16,0 miljard kWh (22 procent) naar 55,3 miljard kWh.

Nederland heeft veel aardgasgestookte centrales. Deze hebben vooral vanaf het tweede kwartaal van 2021 minder elektriciteit geproduceerd als gevolg van de stijging van de prijs van aardgas op de wereldmarkt. De prijs voor kolen steeg relatief minder waardoor er relatief meer elektriciteit is geproduceerd uit kolen.

Invoer en uitvoer

De invoer van elektriciteit is in 2021 met zes procent gestegen naar 20,9 miljard kWh, met name in het derde kwartaal nam de invoer toe. De uitvoer daalde tegelijkertijd met acht procent naar 20,6 miljard kWh. Hierdoor is Nederland per saldo een netto-importeur geworden, in tegenstelling tot een jaar eerder toen er sprake was van een uitvoersaldo.

Met name de invoer uit België (1,4 miljard kWh) liet in 2021 een stijging zien. De Belgische kerncentrales hebben 48 procent meer elektriciteit geproduceerd. Daarnaast voerde België een overschot aan Franse elektriciteit uit kernenergie door. Met name de uitvoer naar Duitsland nam af met 1,0 miljard kWh (twaalf procent).

Lees ook: Toename energieverbruik uit hernieuwbare energie

Aan de Vallei: natuurinclusief woongebied in Roermond

0
Project: Aan de Vallei - Natuurinclusief woongebied in Roermond

Na een intensieve voorbereiding heeft de gemeenteraad van Roermond eind februari met ruime meerderheid het bestemmingsplan Melickerveld in het zuiden van Roermond vastgesteld.

Aan de Vallei is straks de meest groene en duurzame wijk van Roerrmond

Met het vaststellen van het bestemmingsplan is een belangrijke stap gezet voor het grootste natuurinclusieve woongebied van Limburg dat ‘Aan de Vallei’ gaat heten. In dit nieuwe woongebied gaan natuur en wonen samen en worden de stad en het buitengebied met elkaar verbonden.

Aan de Vallei biedt de komende jaren een breed aanbod aan woonruimte voor zo’n 470 gezinnen, én wordt aantrekkelijker voor flora en fauna omdat de biodiversiteit in het gebied wordt versterkt. Aan de Vallei is een gezamenlijke ontwikkeling van de woningcorporaties Wonen Limburg en Wonen Zuid en ontwikkelaar JPO.

Aan de Vallei

Geïnspireerd op het bestaande glooiende landschap is er een nieuwe visie ontwikkeld voor Melickerveld. Een plek waar je de vrijheid van het vergezicht en geborgenheid van het dal ervaart. Vanuit die unieke kwaliteit krijgt het gebied een nieuwe naam: Aan de Vallei.

Wethouder van Roermond Angely Waajen: “Het plan Aan de Vallei geeft onze stad de woningen die de komende jaren hard nodig zijn. Het aanbod in grotere plannen elders in de stad droogt de komende twee tot drie jaar op. Daarnaast wordt wonen in een gezonde leefomgeving steeds belangrijker.”

Aan de Vallei is straks de meest groene en duurzame wijk van de stad met woningen voor een breed publiek. Waajen: “Daar zijn we trots op! We willen niet alleen een nieuwe groep bewoners aantrekken, maar ook andere gemeenten in Limburg inspireren met een plan dat echt vernieuwend is.”

Natuurinclusieve woonomgeving

Aan de Vallei wordt de grootste natuurinclusieve woonomgeving van Limburg. De nadruk ligt op het landschap. Er worden hagen, bosschages en flinke groenstroken aangeplant ter versterking van de biodiversiteit. Lokale boomsoorten, bloemenweides en bloeiende (fruit)bomen dienen als leefgebied voor vlinders, vogels, insecten en andere dieren.

In de nieuwe groene structuur komen bestaande landschapselementen nog beter tot hun recht. De groene vallei zorgt voor minder wateroverlast en voor verkoeling in de zomer. Aan de Vallei draait alles om verbinding. Tussen stad en buitengebied, tussen natuur en wonen, tussen mens en dier en tussen jong en oud. Zo ontstaat een groene én sociale leefomgeving voor iedereen.

Gezonde leefomgeving

Aan de Vallei voorziet in de behoefte van mensen die wel bij, maar niet midden in de stad willen wonen. Mensen die in een groene én gezonde leefomgeving willen wonen, die uitnodigt om naar buiten te gaan, te bewegen, de natuur te ontdekken en buurtbewoners te ontmoeten. Maar ook om te kunnen genieten van rust, ruimte en te ontspannen.

Vijf verschillende woongebieden

Aan de Vallei bestaat straks uit vijf verschillende woongebieden, ieder met een eigen unieke sfeer en karakter: In het hart, Bij de bosrand, Op de terrassen, In de boskamers en Bij de groenwal. In de woongebieden is ruimte voor diverse woningtypes: grondgebonden woningen en kleinschalige appartementengebouwen, van levensloopbestendige woning tot vrijstaand huis, zowel huur als koop.

Naar verwachting wordt al dit jaar gestart met de beplanting van de vallei. Aan de Vallei wordt de komende jaren organisch en stapsgewijs ontwikkeld en gerealiseerd.

Active House Symposium over betaalbaar, circulair renoveren

0
Active House Symposium 2022 over betaalbaar renoveren

Hoe kun je circulair en betaalbaar renoveren, waarbij gezondheid, comfort en de bewoner niet uit het oog wordt verloren? Die vraag vormt het uitgangspunt van het internationale Active House Symposium op woensdag 13 april 2022 in De Doelen in Rotterdam.

Het Active House Symposium in De Doelen toont hoe je betaalbare, gezonde gebouwen kunt maken waarbij de bewoner centraal staat

Er komt veel af op gemeenten en corporaties. Woningen in Nederland moeten van het gas af, moeten voldoen aan de BENG en de Wet Kwaliteitsborging en dat alles met het Klimaatakkoord in het achterhoofd. Jammer dat bij al die gewenste maatregelen vooral de energetische kant wordt belicht. Het welzijn van de bewoner dreigt onderbelicht te raken. Nergens voor nodig!

Waar begin je als gemeente?

Maar hoe pak je een grondig, circulair renovatieproject aan als gemeente of corporatie of gebouwbeheerder? Waar begin je? Het internationale Active House Symposium geeft hierop het antwoord.

Op woensdag 13 april 2022 wordt in De Doelen getoond hoe je kwaliteit meetbaar kunt maken. Op deze interactieve dag zijn er inspirerende internationale sprekers zoals Bas Hasselaar, Song Yehao, Duzan Doepel, Daan Bruggink en Marcel van den Noort, worden er praktijkvoorbeelden getoond en worden er diverse deelsessies gehouden.

Toekomstbestendig buurten

Het Active House Symposium toont hoe je betaalbare, gezonde gebouwen kunt maken waarbij de bewoner centraal staat. Gebouweigenaren krijgen inzicht over hoe ze gezonde, veilige en toekomstbestendige buurten en woningen kunnen realiseren.

De bezoeker komt op 13 april alles te weten over gebouwen met een comfortabel binnenmilieu en het belang van veel daglicht. Daarnaast is er de uitreiking van de Active House Award en worden de hernieuwde Active House Specificaties gepresenteerd.

Klik hier voor het programma

Klik hier voor Tickets

Nieuwe invoeringsdatum Omgevingswet wordt 1 januari 2023

0
Nieuwe invoeringsdatum Omgevingswet wordt 1 januari 2023

Minister De Jonge voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening heeft het ontwerp-Koninklijk Besluit (KB) met de inwerkingtredingsdatum van 1 januari 2023 voor de Omgevingswet aangeboden aan de Eerste en Tweede Kamer.

‘De Omgevingswet moet zorgvuldig worden ingevoerd zodat gebiedsontwikkeling ongehinderd door kan gaan’

De datum van 1 januari 2023 als nieuwe invoeringsdatum Omgevingswet biedt alle betrokken partijen duidelijkheid en bovenal meer zekerheid om goed te kunnen oefenen met het nieuwe digitale systeem en de nieuwe manier van werken.

Grote ruimtelijke opgaven

Minister De Jonge: “We staan voor grote ruimtelijke opgaven. Het bouwen van nieuwe woningen, het verbeteren van de energievoorzieningen, het beheren van de natuur en economische bedrijvigheid. Om de schaarse ruimte goed in te richten, is er meer regie en meer samenhang nodig.”

De Omgevingswet biedt die mogelijkheid. De Jonge: “Maar de omgevingswet moet wel zorgvuldig worden ingevoerd om te voorkomen dat de dienstverlening aan inwoners en bedrijven niet in het geding komt en gebiedsontwikkeling ongehinderd doorgang kan vinden. Daarom moet er in de praktijk voldoende ruimte en tijd zijn om te oefenen met het nieuwe digitale systeem. Door de datum van 1 januari 2023 te hanteren kan de wet verantwoord worden ingevoerd en is er duidelijkheid voor alle betrokken partijen.”

Wetten bundelen en moderniseren

De Omgevingswet bundelt en moderniseert de wetten, van 26 verschillende wetten naar 1 wet, van 60 Algemene Maatregelen van Bestuur naar 4 en van 75 ministeriële regelingen naar 1 Omgevingsregeling.

Daarnaast zorgt de wet voor één digitaal loket dat het makkelijker maakt vergunningen aan te vragen en sneller inzichtelijk maakt welke regelgeving wanneer van toepassing is. De wet voorziet in randvoorwaarden om als één overheid te acteren en biedt instrumenten om (landelijke) regie te voeren.

Startmoment

De inwerkingtreding van de Omgevingswet is een belangrijk startmoment. Vanaf dan wordt de wet in de praktijk toegepast. Ook na 1 januari 2023 is er nog veel werk aan de winkel en kunnen onvolkomenheden niet worden uitgesloten.

Het nieuwe stelsel voor het omgevingsrecht en het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) worden ook na inwerkingtreding verder ontwikkeld en gemonitord om de doelen van de wet te halen en de beoogde veranderingen door te voeren.

Lees ook: Omgevingswet en Wet Kwaliteitsborging weer doorgeschoven

Sociale woningbouw op monumentale buitenplaats Rosenburg

0
Sociale woningbouw op monumentale buitenplaats Rosenburg in Den Haag

KAW ontwerpt nieuwe sociale woningbouw voor een kwetsbare doelgroep die door bezuinigingen al jaren moeilijk aan een woning kan komen op de monumentale buitenplaats Rosenburg in Den Haag.

“Verwarmen op stadswarmte en dak is bedekt met mos-sedum en pv-panelen”

Twee fraaie, lichte en duurzame woongebouwen komen in een herontwikkeld groen landschap te staan. De bewoners wonen in reguliere woningen die ze huren van Arcade Wonen, maar wel op het instellingsterrein van Parnassia, dat zorg aanbiedt waar nodig.

Kwetsbare doelgroep

Voor architect KAW stak de uitdaging vooral in het scheppen van een veilige en geborgen, maar tegelijkertijd open woonsfeer. In dit eerste deel komen 145 zelfstandige woningen beschikbaar voor een kwetsbare doelgroep die door bezuinigingen in de geestelijke gezondheidszorg al jaren lastig een woonplek kan vinden.

Twee gebouwen

De appartementen zijn verdeeld over twee gebouwen en gegroepeerd in woongroepen van circa veertig woningen. Per woongroep is een zogenaamde sociale conciërge aanwezig die een oogje in het zeil houdt en ondersteuning geeft.

Het noordelijke woongebouw huisvest twee woongroepen met elk hun eigen entree en algemene functies, maar met gedeelde ruimten zoals die voor stadswarmte, afvalbergingsruimte en fietsbergingen. Op die manier worden twee, zelfstandige functionerende woongroepen gecombineerd in een efficiënt bouwvolume.

Het zuidelijke woongebouw bestaat uit een drie- en vierlaagse vleugel in een L-vorm. In de oksel van de twee vleugels zitten de entree, de verticale ontsluiting en de algemene functies.

Mos-sedumdak

De woningen zijn vanzelfsprekend duurzaam. De verwarming gebeurt dus op stadswarmte. Verder staan er pv-panelen op het dak, dat gedeeltelijk mos-sedum is. Daarnaast komen er nestkasten in de gevels voor vleermuizen, zwaluwen en insecten.

Uitzicht

De uitdaging was om een veilige en geborgen, maar ook een open woonsfeer te scheppen. Enerzijds voorzien de solide baksteenarchitectuur en aardse tinten in de behoefte om je terug te kunnen trekken in de eigen woning.

Anderzijds zorgt het interieur voor een overzichtelijke en lichte sfeer. Alle woningen hebben grote puien met een wijds uitzicht en woningbrede balkons die zo het landschap in reiken.

Sociale woningbouw op monumentale buitenplaats Rosenburg

Installatie controleren met BinnenklimaatCheck

0
Comfortprestatie klimaatinstallatie controleren met BinnenklimaatCheck

TVVL en Binnenklimaat Nederland lanceren de tool BinnenklimaatCheck. Hiermee kan de comfortprestatie van de lokale klimaatinstallatie worden gecontroleerd.

“BinnenklimaatCheck doet een voorspelling van het niveau op het gebied van luchtverversing, winter- en zomercomfort”

Bij het ontwerp van een klimaatinstallatie is een opdrachtgever vaak afhankelijk van de expertise van adviseurs en architecten. De complexe samenhang tussen de systeemeigenschappen van de installatie aan de ene kant en de eigenschappen van de gevel aan de andere kant is moeilijk te doorgronden.

Hierdoor heeft een opdrachtgever vaak onvoldoende informatie om zelf een weloverwogen conceptkeuze te maken en hiermee te sturen in het conceptueel gebouwontwerp.

Referentieruimten

Met behulp van deze tool controleer je de comfortprestatie van de lokale klimaatinstallatie. Dit doe je door een aantal referentieruimten van een kantoorgebouw aan te maken en deze te voorzien van de bijbehorende gevel- en gebruiksgegevens.

Door per ingevoerde referentieruimte een lokale klimaatinstallatie te kiezen, wordt een voorspelling gedaan voor het comfortniveau op het gebied van luchtverversing, wintercomfort en zomercomfort. Hierbij wordt gebruik gemaakt van de eisen uit het PvE Gezonde Kantoren 2021.

De tool is vrij en kosteloos te gebruiken via TVVL en BinnenKlimaat Nederland

Database

De kracht van de tool is de rekenkern in de tool die gebruikmaakt van een database met circa 2.500 uitgevoerde warmteverlies- en koellastberekeningen, waardoor de resultaten voor wintercomfort en zomercomfort altijd reproduceerbaar zijn.

Initiatiefnemer TVVL Expertgroep Klimaattechniek is samen met Binnenklimaat Nederland vorig jaar gestart met de ontwikkeling van de twee tools waarmee eenvoudig kan worden gecontroleerd of er, met een specifieke combinatie van gevelconfiguratie en installatieconcept, aan de beoogde prestaties kan worden voldaan.

Tweede tool

De tweede tool die ontwikkeling is, is de BENG-Check en komt naar verwachting eind 2022 beschikbaar. Dit hulpmiddel controleert de energieprestaties van klimaatinstallaties.

Lees ook: Luchtfilters voor comfortinstallaties herziene ISSO-publicatie 

Arnhems Stadsakkoord moet woningbouw stimuleren

0
Arnhems Stadsakkoord moet woningbouw stimuleren

Gemeente Arnhem, woningcorporaties en marktpartijen in de woningbouw slaan hun handen ineen om aan de slag te gaan met het bouwen van voldoende en goede woningen in Arnhem. Daarvoor sluiten zij een Stadsakkoord af.

Het Stadsakkoord is nu al door 25 partijen ondertekend. De ondertekenaars hopen dat meer partijen zich zullen aansluiten

Arnhem groeit. De afgelopen jaren kwamen er elk jaar meer dan duizend woningen bij. Dat is de komende jaren ook nodig: tot 2030 zijn er nog zeker 7.500 extra woningen nodig in de regio Arnhem.

“We zullen alle zeilen bij moeten zetten om voldoende, goede en betaalbare woningen te bouwen”, aldus wethouder wonen Ronald Paping. “Dat kunnen we niet alleen, dat doen we samen met alle betrokken partijen. Ik zie dit Stadsakkoord als een mooie start van die gezamenlijke aanpak.”

Een groot deel van de te bouwen woningen, zo’n 1.700, worden sociale huurwoningen. Die gaan de woningcorporaties realiseren, was al eerder afgesproken.

Focus

In het Stadsakkoord ligt de focus op afspraken om de bouw van de juiste woningen op de juiste plek te versnellen. “Maar dan wél vanuit het perspectief van de verstedelijkingsopgave en onze ambitie om een vitale, inclusieve en leefbare stad te zijn”, zegt wethouder Cathelijne Bouwkamp.

“We focussen op het bouwen van woningen, om te wonen en leven, nu en in de toekomst. Dat betekent niet alleen goede en betaalbare woningen, maar ook het bereikbaar houden van de stad en het behouden en versterken van het groene profiel van Arnhem.”

Juiste woningen op juiste plek

Het Stadsakkoord heeft als doel de samenwerking tussen de marktpartijen in de woningbouw, woningcorporaties en gemeente Arnhem te bevorderen zodat ieder jaar voldoende woningen op de juiste plek worden gebouwd met de juiste kwaliteit.

Maar het gaat verder dan aantallen alleen: er wordt ook gekeken naar de juiste woningen voor iedere doelgroep zegt Liesbeth van Asten, namens de drie woningcorporaties.

“Dit Stadsakkoord is daarbij essentieel, omdat we daarin helder afspreken hoe we dat gaan doen. Het laat zien dat we met elkaar een mooie en belangrijke stap willen zetten. Dat we de juiste woningen op de juiste plek willen bouwen. Zodat er straks voldoende woningen voor álle mensen in Arnhem zijn.’

Langjarige samenwerking

Voor alle partijen in Arnhem die betrokken zijn bij de versnelling van de woningbouw is duidelijk: het aanpakken van de woningbouwopgave doe je als markt en overheid samen.

“In het akkoord kijken we ook over de grenzen van individuele bouwplannen heen en bespreken we de bouw mogelijkheden in een vroeg stadium met de gemeente”, zegt Rens Rikken van Van Wijnen.

“Soms kun je immers meer bereiken als je plannen op elkaar afstemt. Bovendien realiseren alle ondertekenaars dat de afspraken niet voor een jaar zijn, maar juist voor een lange periode. Woningbouwplannen duren immers jaren om te ontwikkelen.”

Ondertekenaars

De ondertekenaars van het Stadsakkoord zijn AM, Amvest, BMV Makelaars, Borghese Real Estate, BPD, Explorius, Gemeente Arnhem, Hendriks Bouwgroep, Henk Vos Vastgoed, Janssen de Jong, KlokGroep, Kondor Wessels Projecten, Koopmans, Kuiper Arnhem, Latei, Portaal, Rots Bouw, Ter Steege, Trebbe, Van Wijnen, Van Wonen, Vivare, Volkshuisvesting Arnhem, Van der Meijden Vastgoed en Willemsen Makelaars.

Lees ook: Actieplan Arnhem tegen hittestress, droogte en wateroverlast