Loodwit als cultureel erfgoed

Loodwit

Geen andere witte verf evenaart de kleur en de duurzame eigenschappen van loodwitverf. Maar -loodwit is giftig en schilders worden daar arbeids-rechtelijk tegen beschermd. Ze mogen loodwitverf vandaag de dag niet meer gebruiken. Hoe pakt dit uit voor de beleving en het duurzame behoud van -erfgoed? Is er een alternatief? Of blijft het gebruik van loodwitverf in de restauratiesector onontbeerlijk?

“Sinds 1939 mag geen loodwit meer worden gebruikt voor binnenschilderwerk en sinds 2009 ook niet meer voor de buitenboel en voor kunstwerken”

Lood giftig

De Romeinen wisten het al: lood is een giftig metaal. Wat tast lood aan, als je het binnen krijgt? ‘Allereerst het centrale zenuwstelsel. Je wordt vergeetachtig en laat spontaan dingen vallen. Daarna krijg je bloedarmoede en raken je nieren en je spijsverteringsstelsel beschadigd. Er ontstaan zwarte randen aan je tandvlees en er trekken stevige krampen door je buik’, legt dr. Ton Spee uit. Hij is beleidsadviseur arbeids-hygiëne en toxicologie bij Arbouw. Arbouw is door werkgevers- en werknemersorganisaties opgericht om de arbeidsomstandigheden in de bouw te verbeteren.

Loodwitverf

Ook alle loodverbindingen zijn giftig. Zo mag er sinds 1939 in Nederland geen loodwit meer worden gebruikt voor binnenschilderwerk. En sinds 2009 ook niet meer voor de buitenboel en voor kunstwerken. Dat gegeven levert problemen op bij restauraties en restauratief onderhoud aan gebouwen en kunstwerken. Het pigment loodwit zat namelijk eeuwenlang in verf voor gebouwen en schilderijen. Loodwitverf heeft enkele goede eigenschappen, die maken dat het materiaal werd gewaardeerd en breed werd toegepast. De verf was optisch helder en bovendien duurzaam, elastisch en goedkoop. Loodwitverf kon namelijk gemakkelijk worden geproduceerd.

Als je azijnzuurdampen op lood laat neerslaan, ontstaat er bij vervolgreacties met kooldioxide loodwit. Schraap je dat er vanaf en meng je het met lijnolie, dan is het resultaat een mooie witte olieverf. Tot het midden van de negentiende eeuw was loodwit het enige bruikbare pigment voor witte olieverf. Rond 1850 kwam er ook zinkwit op de markt, maar dat werd gezien als een mindere kwaliteit wit, evenals het sinds 1945 opkomende titaanwit.

Algeheel verbod

Toch werd er tot voor kort in Nederland nog wel eens met loodwitverf in interieurs gewerkt. In sommige situaties herstelden restauratieschilders beschadigde loodwitverf met dezelfde verf. Dit voorkwam kleurverschillen en werkte op langere termijn kostenbesparend door een bestendiger resultaat. Veel mensen hadden ondanks de giftige nadelen waardering voor dit traditionele materiaal. Zo bleef de beleving van monumenten meer intact dan bij gebruik van moderne vervangers.

Lees ook: Actieve aanpak loden leidingen.

Advertisment ad adsense adlogger