Home Blog Pagina 137

Milieubelasting isolatieglas sterk verlaagd

0
Milieubelasting isolatieglas sterk verlaagd

Omdat glas bijna volledig gerecycled wordt, daalde de milieu-impact hiervan aanzienlijk de afgelopen jaren. De Vakgroep GLAS van Bouwend Nederland liet daarom nieuwe berekeningen maken van de diverse samenstellingen van isolatieglas en paste de productkaarten aan.

“De milieubelasting van standaard isolatieglas daalde met 45 procent”

De nieuwe waarden zijn nu opgenomen in de Nationale Milieudatabase. Hiermee is een grote stap gezet om meer glas te kunnen gebruiken in gebouwen.

“De glassector zette grote stappen in het verduurzamen van het productieproces. Hierdoor is de uitstoot aanzienlijk verlaagd,” benadrukt Cor Wittekoek, secretaris van de Vakgroep GLAS bij Bouwend Nederland.

“Deze nieuwe cijfers geven partijen als architecten en aannemers de mogelijkheid om met glas de milieu-impact van gebouwen te verlagen. Isolatieglas is een belangrijk product om gebouwen verder te verduurzamen, het energieverbruik terug te dringen en te zorgen voor een gezond binnenklimaat. Vervang daarom alle oude data en gebruik de nieuwe productkaarten zoals beschikbaar in de Nationale Milieudatabase.”

Milieukostenindicator

Dat de glassector flinke stappen heeft gezet zie je bijvoorbeeld terug bij standaard isolatieglas. In de oude berekening had dit type glas een milieukostenindicator (MKI) van 7,295, in de nieuwe berekeningen werd dit teruggebracht naar 4,44. De MKI van triple glas ging met bijna 30% terug van 9,474 naar 7,00. De MKI vat alle milieueffecten samen in één score en wordt uitgedrukt in euro’s.

Nieuwe berekeningen

Bouwend Nederland gaf SGS de opdracht om de nieuwe berekeningen te maken. Zij deden een representatief onderzoek bij grote fabrikanten en vroegen productgegevens op van het glas.

SGS actualiseerde de milieu-impact en maakte nieuwe productkaarten. Om zeker te zijn dat de berekeningen kloppen, worden berekeningen altijd door een tweede partij bekeken. Onlangs gaf LBP Sight een positieve review van de berekeningen.

Productkaarten online beschikbaar

De nieuwe productkaarten van de diverse samenstellingen van isolatieglas zijn vanaf heden opgenomen in de Nationale Milieudatabase. De productkaarten zijn categorie 2 kaarten, wat wil zeggen dat deze data onafhankelijk van leverancier- en merk zijn.

Bouwend Nederland verwacht hiermee dat (isolatie)glas zijn belangrijke functie in gebouwen zal vergroten. Bouwend Nederland zorgt ook dat gegevens van bijvoorbeeld asfaltproducten up-to-date blijven in de Nationale Milieudatabase.

Circulaire bouwhub van GP Groot

0
Circulaire bouwhub van GP Groot

In de circulaire bouwhub van GP Groot advies en infrarealisatie, draait het om het beschikbaar maken van herbruikbare bouwmaterialen. Denk aan gebruikte kozijnen, deuren en wastafels. Door deze tijdelijk op te slaan, te bewerken en weer klaar te maken voor een nieuwe bestemming is de bouwhub een essentiële schakel in de transitie naar volledig circulair bouwen.

“Bouwmaterialen krijgen tweede leven dankzij circulaire bouwhub”

Grondstoffen

Over acht jaar moet Nederland in overeenstemming met de opgestelde klimaatdoelstellingen de helft minder nieuwe grondstoffen gebruiken. Het creëren van een circulaire bouweconomie, waarbij bouwelementen en -materialen keer op keer worden hergebruikt is daarvoor een noodzakelijke stap. Eén van de grootste uitdagingen hierin is het matchen van vraag en aanbod in tijd, locatie, kwantiteit én kwaliteit.

Vraag en aanbod

Bert de Vilder, senior projectleider bij GP Groot: “Met de circulaire bouwhub slaan we een brug tussen de vraag naar, en aanbod van, herbruikbare bouwmaterialen en helpen we opdrachtgevers, bouw- en sloopbedrijven om de circulaire bouweconomie regionaal mogelijk te maken. Samen vergemakkelijken we het hergebruik van bouwmaterialen, besparen we op de inzet van nieuwe grondstoffen en nemen we concrete stappen om duurzamer te ondernemen.”

Tweede leven

De gebruikte bouwmaterialen zijn vrijgekomen bij circulaire sloopwerkzaamheden. Voorafgaand aan de sloopwerkzaamheden worden de aanwezigen grondstoffen en bouwmaterialen geïnventariseerd en daarna uit het gebouw gehaald. Direct herbruikbare materialen worden tijdelijk opgeslagen in de bouwhub en krijgen vervolgens een tweede leven in de nieuwbouw van hetzelfde project of worden bij andere projecten ingezet.

De niet direct herbruikbare bouwmaterialen worden eerst gebruiksklaar gemaakt door de social return afdeling van GP Groot waar collega’s met een afstand tot de arbeidsmarkt werkzaam zijn en komen uiteindelijk ook in de circulaire bouwhub terecht.

Belangrijke stap

Ferry van Wilgenburg, directeur van bouwbedrijf Kesselaar & Zn: “De bouwsector lijkt nog maar weinig doordrongen te zijn van de noodzaak van het gebruik van circulaire bouwmaterialen. Mijn verwachting is dat deze circulaire bouwhub het gebruik verhoogt. De circulaire materialen zijn gemakkelijk beschikbaar en de locatie is goed regionaal bereikbaar.

Daarnaast is de circulaire bouwhub een plaats waar kennis, kunde en ervaringen worden gedeeld. Niet alleen met direct betrokken partijen, maar ook met lokale en regionale overheids- en onderwijsinstellingen. Al met al een belangrijke stap die helpt de noodzakelijke circulaire bouweconomie te bereiken.”

Gebruik maken van de hub?

Sloopbedrijven, (ontwikkelende) bouwers, architecten, opdrachtgevers en woningcorporaties kunnen gebruikmaken van de bouwhub. Op de online marktplaatsen van de samenwerkingspartners Re-Use en Insert staat een overzicht van de beschikbare voorraad herbruikbare bouwmaterialen.

Elk item is voorzien van een unieke registratiecode waardoor de herkomst en de uiteindelijke nieuwe bestemming herleidbaar zijn. Hiermee is de circulaire toepassing en de CO2-besparing voor alle betrokkenen inzichtelijk.

Circulaire bouwhub van GP Groot.

A16 tikt de A20 aan

0
Viaduct A16 Rotterdam tikt de A20 aan

Wie over de snelweg A20 vanuit Gouda naar Rotterdam of verder naar Hoek van Holland gaat, passeert het drukke verkeersknooppunt Terbregseplein. Over dit verkeersknooppunt wordt sinds eind 2021 een viaduct in delen door de lucht geschoven. Het viaduct in wording tikt nu voor het eerst de A20 aan.

“Om de paar weken komt er een nieuw deel bij voor het viaduct over de A16”

Het viaduct maakt onderdeel uit van de nieuwe, 11 km lange en energieneutrale snelweg A16 Rotterdam. Het verkeer op de A20 rijdt tijdens het schuiven van het viaduct gewoon door. Omdat het schuiven met 2,5 m per uur zeer langzaam gaat, merkt de weggebruiker er tijdens het rijden niets van.

Een felblauwe stalen lanceerneus hangt op dit moment in de lucht boven de hoofdrijbaan van de A20, met daarachteraan inmiddels tien delen wegdek met een totale lengte van 240 m. Het viaduct tikt nu de hoofdrijbaan van de A20 richting Hoek van Holland aan.

Elke paar weken komt daar aan de achterkant een nieuw deel bij. In totaal wordt er per rijrichting 400 m wegdek geschoven. Eind september 2022 vindt de volgende schuif plaats en overspant niet alleen de stalen neus, maar ook het viaduct zelf de volledige breedte van de A20 richting Hoek van Holland.

Vlechten, storten en afwerken

Aan de noordkant van het Terbregseplein worden steeds betonnen wegdekdelen van ongeveer 25 m lang gemaakt. Eerst wordt het staal van het wegdekdeel gevlochten, vervolgens wordt het beton gestort en als laatste vindt de afwerking plaats.

Nadat een wegdekdeel is gegoten, moet het twee weken uitharden voordat het over de weg geschoven kan worden. De wegdekdelen worden één voor één achter de lanceerneus vastgemaakt. Het schuiven gebeurt over de blauwe hulpconstructie naast de pijlers.

Hinder beperken

Een voordeel van deze bouwmethode is dat grotere overspanningen makkelijker overbrugd kunnen worden. De stalen neus overbrugt de afstand tussen de pijlers en zorgt ervoor dat het gewicht goed is verdeeld.

Een ander belangrijk voordeel bij de A16 Rotterdam is dat er geen extra grote afsluitingen nodig zijn om het viaduct te kunnen bouwen.

Werkzaamheden

Eind 2023 moet het schuiven klaar zijn. We werken nu aan 1 rijrichting, begin 2023 beginnen we met schuiven van de andere rijrichting. Daarna zetten we de puntjes op de i en bouwen we het viaduct af door het aanbrengen van asfalt, belijning, verlichting en de vangrails.

De Groene Boog

De A16 Rotterdam wordt in opdracht van Rijkswaterstaat aangelegd door De Groene Boog, een bouwcombinatie van BESIX, Dura Vermeer, Van Oord en TBI-bedrijven Croonwolter&dros en Mobilis. Partners Freyssinet, Doka, Diepstraten en Dyckerhoff zetten hun specifieke kennis in voor een succesvolle lanceeroperatie van het viaduct bij Terbregseplein.

Lees meer over het project op de projectpagina A16 Rotterdam.

Foto: Jorrit Lousberg

Groen Hofplein zorgt voor koelere binnenstad

0
Groen Hofplein zorgt voor koelere Rotterdamse binnenstad

De gemeente Rotterdam heeft onderzoek laten doen naar het effect van de toekomstig nieuwe groene inrichting van het Hofplein op de hittestress in de binnenstad.

“Onder het Hofplein komt een waterberging waarin 1.200 m3 regenwater kan worden opgeslagen”

Uit het onderzoek blijkt dat het drukke verkeersknooppunt verandert in een koele verblijfslocatie. De gemiddelde gevoelstemperatuur neemt af met ruim 7 °C, dit zal zorgen voor minder hittestress.

Koele verblijfsplekken

Het ontwerp biedt ruimte voor koele verblijfsplekken in dit groene gebied. De situatie net na de realisatie van de herinrichting toont al een kleine afname in de gevoelstemperatuur. De gevoelstemperatuur zal blijven afnemen naar mate de bomen groeien richting de eindsituatie.

Deze hittestress-analyse toont aan dat de nieuwe inrichting van het plein voor een aanzienlijke afname van hittestress zorgt en daarmee zal er een prettige leefomgeving gecreëerd worden op het Hofplein.

Levendig stadsplein

Over een paar jaar is de drukke rotonde op het Hofplein veranderd in een groen en levendig stadsplein met natuurlijk de fontein als bruisend middelpunt.
Het verkeer rijdt in de toekomst langs de randen van het plein. Er komen minder rijbanen voor auto’s en meer ruimte voor fietsers en voetgangers. De tram blijft wel gewoon op dezelfde plek rijden.

Door deze veranderingen kun je straks oversteken naar de fontein, op de rand gaan zitten en het water aanraken. Vanaf de bankjes kijk je uit op de bronzen beelden van Willem de Kooning. En je kunt genieten van kleine tentoonstellingen en optredens.

Flora en Fauna

Op het plein komen grote en kleine bomen (circa 150) en verschillende soorten planten. De bomen en planten trekken insecten en vogels aan en dat is goed voor de natuur in de stad. Onder het plein komt een grote waterberging waarin 1200m3 regenwater kan worden opgeslagen. Dit kan worden gebruikt om het groen water te geven als het langere tijd warm en droog is.

Het definitief ontwerp van het Hofplein is in oktober 2022 gereed.

Stadsprojecten Rotterdam

Groene en aantrekkelijke openbare ruimtes voor alle Rotterdammers met parken, pleinen en straten die ruimte bieden voor bewegen, ontspannen en ontmoeten. De Stadsprojecten helpen bij het verlagen van hittestress, bij de opvang van regenwater en het verbeteren van de luchtkwaliteit.

Door de schonere lucht kunnen we woningen gaan bouwen waar dat nu nog niet mogelijk is. Meer dan 200.000 Rotterdammers wonen straks op 10m loopafstand van een van de stadsparken! Ook dragen de projecten bij aan werkgelegenheid en een aantrekkelijk vestigingsklimaat.

Dingen die je in een luxe huis moet hebben

0
Dingen die je in een luxe huis moet hebben

Luxe huizen zijn er in alle soorten en maten, maar elk moet bepaalde kenmerken hebben om als luxueus te worden beschouwd. Als je op zoek bent naar een luxe huis, moet je er zeker van zijn dat dit precies is wat je zoekt.

Er zijn veel opties voor aanpassing, maar het is belangrijk om ze allemaal te overwegen voordat je definitieve beslissingen neemt. Je moet nadenken over wat voor soort huis je nodig hebt en welke voorzieningen je levensstijl het meest ten goede komen. Bedenk ook hoeveel geld er beschikbaar is voor eventuele upgrades of toevoegingen die niet bij de rest van het huis passen.

Een luxe toilet

Een luxe toilet is veel meer dan alleen een toilet. Het is een plek waar vaak een verwarmde zitting en bidet zijn. Ze zijn gemaakt van hoogwaardige materialen zoals keramiek of zelfs marmer. Ze zijn een must-have in elk luxe huis omdat het een ander niveau van comfort biedt dat normale toiletten niet kunnen bieden.

Een luxe badkamer

Een luxe badkamer in huis is essentieel. Een luxe badkamer moet ruim en goed verlicht zijn, met voldoende ruimte voor alles, van een aparte douche en bad tot een verwarmd handdoekenrek tot een verwarmde vloer. Dit is ook de plek waar met luxe kranen en accessoires. Als het op badkamers aankomt, is het hebben van meerdere douches altijd beter dan één lange.

Wijnkelder

Een wijnkelder is een plaats om wijn en andere alcoholische dranken te bewaren. Wijnkelders zijn vaak te vinden in luxe huizen en kunnen een aparte ruimte zijn of zich in een bestaande ruimte bevinden, zoals de keuken of woonkamer. Deze eigenschap komt veel voor bij hoogwaardige eigendommen, met name die in Napa Valley, Californië en Bordeaux, Frankrijk, waar de klimaatomstandigheden optimaal zijn voor het bewaren van wijnen in de loop van de tijd.

Smart home technologie

Smart home-technologie is een geweldige investering. Het kan je geld besparen, de waarde van je huis verhogen en het comfortabeler maken. Slimme thermostaten zijn een bekend voorbeeld van deze technologie. Ze kunnen de kosten van verwarming en koeling verlagen door de temperatuur te regelen volgens je gebruikspatronen. Je kunt ook een app op je telefoon gebruiken om de temperatuur op afstand te regelen en aan te passen aan de vraag of er mensen thuis zijn of niet.

Zwembad

Een zwembad is een geweldige manier om af te koelen in de zomer, maar het is ook een uitstekende plek om te sporten. Zwembaden kunnen in veel verschillende vormen en maten worden gebouwd en kunnen worden ingebouwd in het ontwerp van je huis. Een zwembad is ook een geweldige plek om gasten te ontvangen en ze zich thuis te laten voelen in je luxe eigendom.

Dingen die je in een luxe huis moet hebben.

Oplopende droogteschade treft flora en fauna

0
Oplopende droogteschade Nederlandse flora en fauna

Ondanks de gevallen neerslag zijn de effecten van de droogte steeds meer zichtbaar. De grondwaterstanden dalen verder. Dit levert droogteschade op voor de Nederlandse flora en fauna.

Droogteschade flora en fauna: “Droogte heeft invloed op de stabiliteit van veendijken”

Door de aanhoudende droogte wordt het steeds moeilijker om het beschikbare zoete water goed te verdelen. Op grote schaal worden tijdelijke pompinstallaties ingezet om de wateraanvoer naar regionale watersystemen zo goed als mogelijk in stand te houden. Hiermee moet de droogteschade voor flora en fauna zveel mogelijk worden beperkt.

Ook worden verschillende maatregelen genomen om de peilen hoog te houden, bijvoorbeeld door gezuiverd rioolwater in te zetten. Met onttrekkingsverboden uit oppervlaktewater en lokaal ook grondwater proberen de waterschappen zoveel mogelijk de watervoorraad voor kwetsbare natuur te beschermen.

De verwachte toename van de Rijnaanvoer verbetert tijdelijk de mogelijkheden om zoet water aan te voeren. Deze week zal de Rijnaanvoer echter weer afnemen.

Flora en fauna

De neerslag die op diverse plaatsen in Nederland is gevallen, heeft de ernstige droogtesituatie in de natuur en landbouw niet kunnen verbeteren. In alle gebieden zonder wateraanvoermogelijkheden is op steeds grotere schaal sprake van droogval van beken en sloten.

Deze droogval en nog verder dalende grondwaterstanden hebben grote gevolgen voor flora en fauna, waarbij verschillende diersoorten het zwaar hebben. Waterschappen organiseren samen met hengelsportverenigingen overzetacties om vissen te redden van de droogval.

Lees ook: Actieplan Arnhem tegen hitte, droogte en wateroverlast

Oogst

In de hogere delen van Nederland is voor enkele gewassen het groeiseizoen voorbij. De droogte en de genomen maatregelen, zoals onttrekkingsverboden, zorgen voor een verminderde oogstopbrengst. De verwachte toename van de Rijnaanvoer heeft naar verwachting maar beperkt effect op natuur en landbouw.

Dijken

De aanhoudende droogte heeft ook invloed op de stabiliteit van veendijken. Deze veendijken worden extra geïnspecteerd door de waterschappen en waar nodig worden reparaties uitgevoerd.

Het aantal droogtegevoelige veendijken neemt in Nederland overigens af. De waterschappen bekleden de veendijken met een kleilaag, zodat ze beter weerbaar worden tegen perioden van droogte.

Water via de Rijn

Door regenval in de Alpen komt er deze week iets meer water via de Rijn in Nederland. Waterbeheerders maken gebruik van deze kans om water in Gelderland vast te houden. Het water wordt gebruikt voor wateraanvoer naar het achterland (met name het gebied van waterschap Vallei en Veluwe) en om scheepvaart op de IJssel door te kunnen laten gaan. Op deze manier wordt de kleine ‘aanvoergolf’ goed benut.

Meer informatie over de actuele droogtesituatie is te vinden in de online droogtemonitor.

Oplopende droogteschade flora en fauna

1500 flexwoningen voor sociale huur erbij in Utrecht

0
Regionale samenwerking - 1500 flexwoningen voor sociale huur erbij in Utrecht

Zeven gemeenten – Utrecht, Nieuwegein, Rhenen, Bunnik, Wijk bij Duurstede, Bunschoten en IJsselstein – binnen de Veiligheidsregio Utrecht (VRU) hebben met het Rijk afspraken gemaakt over de komst van in totaal 1500 flexwoningen in de komende tijd.

“… afspraken vormen een opmaat naar een bredere regionale samenwerking …”

Voor een aantal locaties zijn de voorbereidingen voor de bouw reeds in gang gezet. De woningen worden uiterlijk 2023 gerealiseerd. Deze tijdelijke sociale huurwoningen zijn beschikbaar voor alle woningzoekenden in deze sector, waaronder studenten, starters, statushouders en andere groepen waar de woningnood hoog is.

Flexwoningen zijn huizen die tijdelijk – maar langjarig – op aangewezen locaties terechtkomen. Het Rijk heeft hiervoor 18 miljoen euro toegezegd. In de regiodeal maken Rijk en Regio daarnaast afspraken over het versneld realiseren van tijdelijke woningen voor de jaren na 2023.

Voorbode

Sharon Dijksma, voorzitter Veiligheidsregio Utrecht: “Als grootste veiligheidsregio merken we bij verschillende groepen in onze gemeenten dat ze problemen hebben bij het vinden van een woning. Het is goed dat we samen met het Rijk in regio Utrecht nu aan de slag kunnen met het bouwen van flexwoningen. Laat deze regiodeal met het Rijk tot 2023 ook een voorbode zijn voor afspraken in de jaren erna.”

Snelste manier

Minister De Jonge voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening: “Flexwoningen bouwen is de snelste manier om nieuwe sociale huurwoningen toe te voegen die hard nodig zijn om iedereen een dak boven het hoofd te kunnen bieden. De wachtlijsten zijn al lang en verdringing moeten we voorkomen, of het nu gaat om starters, mensen die met spoed een woning zoeken of mensen die het recht hebben gekregen om in Nederland te mogen blijven.”

De overeenkomst met de Veiligheidsregio Utrecht toont aan dat we elkaar kunnen versterken om deze grote bouwopgave samen te realiseren, aldus De Jonge. “Als Rijk investeren we daarom 18 miljoen euro voor de komst van 1.500 nieuwe flexwoningen.”

Flexwoningen

In de gemeente Utrecht worden volgend jaar duizend flexwoningen gerealiseerd. Deze woningen worden onder andere gerealiseerd op de locaties aan de Pagelaan en op het Befu-terrein. Verder komen er vijfhonderd woningen op verschillende locaties in de provincie, onder meer in de gemeenten Nieuwegein, Rhenen, Bunnik, Wijk bij Duurstede, Bunschoten en IJsselstein.

De bedoeling is dat in deze gemeenten tijdelijke woningen worden neergezet, waar mensen kunnen worden gehuisvest en blijven wonen tot er permanente woningen beschikbaar zijn.

Regionale samenwerking

De afspraken met het Rijk vormen een opmaat naar een bredere regionale samenwerking, die momenteel wordt uitgewerkt door de Utrechtse gemeenten, provincie Utrecht, veiligheidsregio Utrecht en de Utrechtse woningcorporaties.

De ambitie is om in meer Utrechtse gemeenten flexwoningen te bouwen. Daar willen de partijen met het Rijk nadere afspraken over maken.

600 appartementen voor werkende jongeren Utrecht

0
600 appartementen voor werkende jongeren in Utrecht Leidsche Rijn

BAM Wonen heeft in Utrecht Leidsche Rijn Centrum het appartementencomplex met 600 appartementen voor werkende jongeren opgeleverd aan maatschappelijk conceptontwikkelaar Change=.

“Het community-concept biedt meer dan alleen woonruimte”

Naast de Pathé bioscoop en gelegen aan het Berlijnplein is een nieuw, hoogwaardig wooncomplex gerealiseerd met studio-appartementen en een groene entree. Daarnaast bestaat het programma in de plint onder meer uit atelierwoningen voor creatieve professionals, een sportschool, een horecagelegenheid en aanvullende ruimtes voor de invulling van het concept Change= waar werken, wonen, leren, leven, zorg & welzijn, mobiliteit en veiligheid centraal staan.

Woningmarkt problemen oplossen

Change= wil de woningmarkt voordeliger en toegankelijker maken, met haar product: wonen. Met dit innovatieve woonconcept wil Ralph Mamadeus, CEO bij Change=, het probleem in de woningmarkt oplossen. “Je kunt blijven doen wat je altijd deed, maar dan houd je wat je altijd had: een groot woningtekort. Wij bieden instant woongenot, wonen inclusief alle aangrenzende diensten.”

“Starters moeten voor hun eerste woning op de reguliere markt behoorlijk wat gespaard hebben. Bij Change= geldt dat veel minder omdat allerlei bijkomende kosten, zoals nutslasten, internet, wasmachinehuur en stoffering al bij de huurprijs en servicekosten zijn inbegrepen. Wij streven in onze woongebouwen naar een serviceniveau dat past bij deze tijd”, aldus Ralph Mamadeus.

“BAM Wonen heeft als missie duurzaam en aangenaam wonen toegankelijk maken voor iedereen. We zijn verheugd dat we dit project voor onze opdrachtgever hebben kunnen realiseren in een goede samenwerking en een beheerst en veilig proces op de bouwlocatie. Het is een prachtig gebouw geworden en ik hoop dat de bewoners zich hier snel thuis zullen voelen”, aldus Henk Dilweg, directeur Speciale Projecten bij BAM Wonen.

Community concept

De woningen zijn circa 30m2 of 40m2 groot. De studio’s zijn compleet gestoffeerd en voorzien van slijtvaste laminaatvloeren, wasmachines met drogerfunctie, supersnel internet, brandwerende en verduisterende gordijnen, Nest thermostaat, een kleine keuken met inductiekookplaat en afzuigkap.

Daarnaast biedt het community-concept meer dan alleen woonruimte. Zo heb je bij binnenkomst een receptie die doordeweeks bemand is, een technisch team op locatie dat door bewoners ingehuurd kan worden voor klussen, huismeesters voor handhaving en controle, een bemande control room, een lockerservice voor bestelde pakketten, een beveiligde parkeergarage, een Change= 24/7 health club en professionele werkplekken.

Verder heeft het Change= wooncomplex in Utrecht Leidsche Rijn 39 atelierwoningen van 40m2 met een 12m2 vliering, voor de creatieve professionals. Voor deze groep is er ook een gedeelde creatieve werkruimte gemaakt waar zij hun creativiteit kwijt kunnen. Verspreid over verschillende verdiepingen zijn zes moderne binnentuinen waarvan er één grenst aan de lobby met niet alleen de receptie maar ook meerdere zithoeken waar bewoners elkaar kunnen ontmoeten of juist in rust kunnen werken of ontspannen.

Het gebouw is ontworpen door de architecten Storimans Wijffels en Inbo. BAM Wonen is in februari 2020 gestart met de bouw. De oplevering van de appartementen heeft in twee fases plaatsgevonden.

(Lees verder onder de afbeelding.)

Wal en schip

Change= creëert als vastgoedinvesteerder woonruimte voor werkende jongeren die op de woningmarkt tussen wal en schip vallen omdat ze geen woning kunnen kopen en zelfs niet kunnen huren bij de reguliere sociale verhuurders.

De mensen die bij Change= wonen zijn werkend, jong en timmeren hard aan de weg, mét of zonder diploma. Men zoekt elkaar op om sociale en zakelijke redenen. Change= legt de focus op het aanbieden van een woonomgeving waarin bewoners zoveel mogelijk worden ontzorgd, daardoor is Change= zoveel meer dan een woning, het product is wonen binnen het sociale domein.

Woningbouwimpuls open voor vierde ronde

0
Woningbouwimpuls open voor vierde ronde

Gemeenten kunnen projecten indienen voor een bijdrage uit de Woningbouwimpuls. Gemeenten kunnen tot en met 25 september 2022 een aanvraag indienen om in aanmerking te komen voor een financiële bijdrage voor het sneller bouwen van meer betaalbare woningen.

“Loket “Woningbouwimpuls heeft 300 miljoen beschikbaar”

In december 2022 wordt bekend welke projecten een bijdrage krijgen voor het versnellen van de bouw, het vergroten van het aantal nieuwbouwwoningen in een project of het vergroten van de betaalbaarheid van die woningen voor starters en mensen met een middeninkomen.

Bij aanmelding vóór 16 september 2022 krijgt de indiener voor het sluiten van het aanvraagloket een reactie op de volledigheid en beoordeelbaarheid van de aanvraag.

Bijbouwen

In Nederland is een groot tekort aan woningen; tot en met 2030 moeten er 900.000 woningen bijgebouwd worden. Daarbij is er vooral veel vraag naar betaalbare woningen voor starters en middeninkomens. Met de Woningbouwimpuls draagt het ministerie van BZK/Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening bij aan projecten die anders moeilijk of traag tot stand komen omdat ze een financieel tekort kennen. Het geld kan ingezet worden voor bijvoorbeeld de sanering van vervuilde grond, het uitplaatsen van bedrijven en het aanpassen van toegangswegen.

Wijzigingen

Voor de vierde tranche zijn een aantal wijzigingen voorzien. Zo wordt de regeling toegankelijker voor (kleine) gemeenten die een gebundelde aanvraag doen, en kunnen gemeenten met minder dan 50.000 inwoners een project indienen met minimaal 200 woningen.

Ook wordt er een koppeling gelegd met de (nog af te sluiten) woondeals bij het realiseren van twee derde betaalbare woningbouw per regio. Verder wordt de urgentiescore verfijnd, waardoor deze genuanceerder doorwerkt in de beoordeling van de aanvragen.

De informatie over de wijzigingen is, samen met andere informatie zoals de instructiefilmpjes over het invullen van de indieningsspreadsheet en het achtergronddocument terug te vinden op Woningbouwimpuls voor gemeenten (WBI) (rvo.nl).

Eerdere rondes

De eerste drie rondes van de woningbouwimpuls leveren in totaal een bijdrage aan 139.964 nieuwe woningen door heel Nederland, waarvan het merendeel betaalbaar (65%). Dit zijn woningen bedoeld voor de sociale huursector, middenhuur en betaalbare koopwoningen.

Veel projecten hebben daarnaast speciale aandacht voor woningen voor starters, senioren, studenten en aandachtsgroepen. Een aanzienlijk deel van deze woningen zou zonder de Woningbouwimpuls waarschijnlijk niet, of pas op een later moment gebouwd kunnen worden.

Lees ook: Meer subsidie voor schone vrachtwagens en machines

45,6 duizend hectare bebouwd terrein erbij

0
45,6 hectare bebouwd terrein erbij, veel bedrijventerreinen

Tussen 2000 en 2017 is er in Nederland 45,6 hectare bebouwd terrein bij gekomen. Vooral in de Randstad en Noord-Brabant ging een fors deel van de uitbreiding naar woongebied en de aanleg van bedrijventerreinen. Dit meldt het CBS.

“In Rotterdam kwam er 1,2 duizend hectare bedrijventerreinen bij, vooral door de aanleg van de 2e Maasvlakte”

De regievoering over de ruimtelijke ontwikkeling is een van de kerntaken van de provincie. De provincie geeft in overleg met betrokken gemeenten aan welk deel van de ruimte gebruikt kan worden voor bijvoorbeeld woningbouw of de aanleg van bedrijventerreinen. Zij bepaalt ook welke gebieden bestemd zijn voor natuur of recreatie.

In 2017 was ruim de helft van de oppervlakte van Nederland in gebruik als agrarisch terrein: 54 procent. Nederland bestaat verder voor 19 procent uit water en voor 13 procent uit bebouwing (verkeersterrein, bebouwd terrein en semi-bebouwd terrein). Bos, natuurlijk terrein en recreatieterrein vormen de rest van het areaal.

Vooral meer bebouwd terrein

Tussen 2000 en 2017 wijzigde het gebruik van 100 duizend hectare bodem, ruim 2 procent van de totale oppervlakte van Nederland. Voor het overgrote deel ging het om agrarisch terrein: 91 duizend hectare kreeg een ander gebruiksdoel.

Dit betekent dat tussen 2000 en 2017 per dag gemiddeld ongeveer 15 hectare aan de landbouw is onttrokken, een oppervlakte vergelijkbaar met dertig voetbalvelden. Ook 5,3 duizend hectare bouwterrein kreeg een nieuwe gebruiksfunctie.

Het areaal bebouwd terrein breidde het meest uit. Het gaat vooral om woongebied (26 duizend hectare erbij) en bedrijventerrein (17 duizend hectare).

Bebouwing Randstad

In 2017 was 501 duizend hectare van het Nederlands grondgebied in gebruik voor wonen, werken en infrastructuur.

Deze ruimte bestond voor 48 procent uit woongebied, voor 29 procent uit overig bebouwd terrein (inclusief glastuinbouw), waaronder bedrijventerreinen, en voor 23 procent uit verkeersterrein, zoals wegen en spoorwegen. In 2000 nam de bebouwde ruimte nog 449 duizend hectare in.

Van de 52 duizend hectare bebouwde ruimte die er in de periode 2000–2017 bij is gekomen, ligt 37 procent in de Randstad. De toename van de bebouwde ruimte is in de Randstadprovincies Noord-Holland, Zuid-Holland, Utrecht en Flevoland het grootst als deze ruimte wordt afgezet tegen de landoppervlakte.

In Zuid-Holland groeide de bebouwde ruimte naar 29 procent. In Nederland was dit 15 procent. Ook Noord-Holland, Utrecht en Flevoland kregen er naar verhouding meer bebouwde ruimte bij dan de overige provincies.

(Lees verder onder de afbeelding.)

Groei woongebieden

Tussen 2000 en 2017 is in alle provincies het aandeel woongebied gegroeid. De grootste groei vond plaats in gemeenten met VINEX-wijken. In de Randstadprovincies nam de oppervlakte woongebied het meest toe. Zo nam het areaal woongebied in Flevoland toe met een kwart.

Almere kende de sterkste uitbreiding van het woonareaal in deze provincie (33 procent). In Utrecht en Zuid-Holland was de toename iets minder dan 14 procent. In de Zuid-Hollandse gemeenten Pijnacker-Nootdorp (73 procent), Barendrecht (63 procent) en Lansingerland (57 procent) groeide de woonoppervlakte het sterkst van alle Nederlandse gemeenten. In Utrecht zorgden met name Houten (40 procent) en de gemeente Utrecht (30 procent) voor groei.

Bedrijventerrein

Tussen 2000 en 2017 is vooral in Zuid-Holland en Noord-Brabant meer ruimte ingenomen door bedrijventerreinen, en dan vooral in gemeenten met grote havens. In Rotterdam kwam er 1,2 duizend hectare aan bedrijventerrein bij, vooral door de aanleg van de Tweede Maasvlakte. In deze gemeente is het aandeel bedrijventerrein het grootst: 29 procent van de landoppervlakte.

In andere gemeenten met havens groeiden bedrijventerrein ook fors, met name in Amsterdam (444 hectare) en Moerdijk (284 hectare). Ook in Venlo (261 hectare) en in Haarlemmermeer bij Schiphol is de toename relatief groot (253 hectare).

Bron: CBS